Advies aan de bekeerling

Gebruikerswaardering: 0 / 5

Ster inactiefSter inactiefSter inactiefSter inactiefSter inactief
 

Vraag:
Wat dient degene die door Allah naar de Islam wordt geleid te zeggen en wat dient er tegen diegene te worden gezegd?

Antwoord:
Hij dient te zeggen:

“Ik getuig dat niets het recht heeft aanbeden te worden behalve Allah, en dat Mohammed (vrede zij met hem) Zijn Dienaar en Boodschapper is.”

Daarna dient hij geadviseerd te worden om met goede mensen om te gaan. De Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) heeft namelijk gezegd: “Een goede vriend vergeleken met een slechte vriend is als de verkoper van muskus vergeleken met een ijzersmid. Als het gaat om de verkoper van muskus, of hij zal jou wat muskus geven of je zult het van hem kopen of op zijn minst zul je de lekkere geur ervan hebben ervaren. En wat betreft de ijzersmid, hij zal of jouw kleren verbranden (door bijvoorbeeld hete ijzer wat rondvliegt) of op zijn minst zul je de afschuwelijke stank ervaren.” (al-Boekhaari en Moeslim)

Toen ik aan de Islamitische universiteit van Medina studeerde, werd mij verteld dat iemand de Islam was binnengetreden. Hij verliet het huis van de christenen om in te trekken bij de moslims. Echter, de moslims waar hij bij verbleef, verrichtten het gebed niet. Dus zijn Islam beperkte zich slechts tot de overstap die hij maakte van een christenhuis naar een moslimhuis.

Het is dus van belang om met goede mensen op te trekken.

Ook adviseren wij hem baatvolle boeken te lezen, zoals: Riyaadh us-Saalihien, Fath ul-Madjied de uitleg van Kitaab ut-Tawhied, Boeloegh ul-Maraam en Tafsier ibn Kathier.

Hij dient de Islam te leren vanuit de boeken en niet af te gaan op de daden van de mensen. De daden van de mensen hoeven niet perse het geloof te vertegenwoordigen. Zo tref je moslims die liegen, ontucht plegen en alcohol drinken, terwijl zij weten dat deze zaken verboden zijn. Soms wordt dit door de ongelovigen tegen ons gebruikt. Maar wij verdedigen ons door te zeggen: “Men dient zich vast te klampen aan het correcte geloof en niet uit te gaan van de daden van de moslims.”

Allah zegt (interpretatie van de betekenis): “Allah beveelt rechtvaardigheid, het goede en het geven aan de verwanten en Hij verbiedt de zedeloosheid, het verwerpelijke en het onrecht. Hij onderricht jullie, opdat jullie je laten vermanen.” (Soerat an-Nahl: 90)

Hetzelfde geldt ook voor zaken zoals het schenden van al-Amaanah (iets wat een persoon is toevertrouwd) en andere fouten waarin de moslims zijn vervallen. Degenen die zich hier schuldig aan maken, dienen niet als bewijs. De bronnen waarop de Islam gebaseerd is, dienen als bewijs tegen eenieder. Het is dus van belang dit goed te begrijpen, zodat een ongelovige het foutieve gedrag van een moslim niet tegen ons gebruikt.

Ons advies aan hen is het volgende: “We roepen jullie niet op als deze mensen te zijn, noch als degenen die zich schuldig maken aan corruptie, diefstal, verkopen van alcohol of dwalingen op het gebied van geloofsleer, zoals het geval is met Soefisme…”

Een nobele broeder die in Engeland of Duitsland studeert, bezocht ons eens. Hij vertelde dat een vrouw dankzij Allah de Islam omarmde. Ze zag vervolgens een verzameling Soefies dansen in de moskee. Zij belde hem op en zei: “Ik zag dit en dat in de moskee. Als dit de Islam is, dan is er volgens mij geen verschil tussen deze religie en de religie die ik heb verlaten.”

We nodigen eenieder ook niet uit om Sjiiet te worden, noch een Soefie, noch een secularist, maar we vragen van eenieder te handelen volgens het Boek van Allah en de Soennah van Zijn Boodschapper (vrede zij met hem), ook al gaat het in tegen de mening van alle anderen.


Gebaseerd op een Fatwa van Shaykh Moeqbil ibn Haadie al-Waadiie
(Toehfat ul-Moedjieb alaa As’ilat il-Haadir wal-Gharieb, blz. 65)