De Profeten en Boodschappers

In naam van Allah, de Barmhartige de Genadevolle en vrede en zegeningen zij met eenieder van de profeten evenals met hen die hun boodschap volgen.

Toen Allah Adam (vrede zij met hem) op de aarde plaatste en zijn nakomelingen zich verspreidden, heeft Hij hen niet verwaarloosd. Allah heeft hen begunstigd en op Adam en zijn kinderen de Openbaring doen neerdalen. Sommigen van hen geloofden erin en anderen verloochenden het.

Allah zegt (interpretatie van de betekenis): “En voorzeker, Wij hebben aan iedere gemeenschap een Boodschapper gezonden (die zei:) ,,Aanbidt Allah en houdt afstand van de Taaghoet.” En er zijn er onder hen die Allah leidde en er zijn er die Hij tot de dwaling veroordeelde. Reist dus op de aarde rond en zie hoe het einde was van de loochenaars.” (soerat an-Nahl: 36)

Allah heeft vier hemelse boeken neergezonden. Dit zijn de Tauwraat (Thora), Indjiel (Bijbel), Zaboer (Psalmen) en de Koran. Allah heeft gezegd (interpretatie van de betekenis):

“Hij heeft aan jou het Boek met de Waarheid neergezonden, bevestigend wat daaraan voorafgegaan was, en Hij zond de Thora en de Indjiel neer.” (soerat Aali-Imraan: 3)

Ook zegt Allah (interpretatie van de betekenis): “En Wij gaven Dawoed (David) de Psalmen.” (soerat al-Israa’: 55)

Vele boodschappers en profeten zijn tot ons gezonden. Behalve Allah kent niemand hun precieze aantal. Allah heeft ons over sommige van hen verhaald en over anderen niet. Zoals Allah zegt (interpretatie van de betekenis):

“En (Wij zonden) Boodschappers over wie Wij jou waarlijk reeds verhaald hebben en (Wij zonden) Boodschappers over wie Wij niet verhaald hebben.” (soerat an-Nisaa’: 164)

Het is een verplichting te geloven in alle boeken die Allah heeft neergezonden en in alle profeten en boodschappers die Hij heeft gestuurd. Allah zegt namelijk (interpretatie van de betekenis):

“O jullie die geloven! Gelooft in Allah en Zijn Boodschapper en in de Schrift die Hij aan Zijn Boodschapper openbaarde en in de Schrift die Hij vroeger openbaarde. En wie ongelovig is aan Allah en Zijn Engelen en Zijn Boeken en Zijn Boodschappers en de Laatste Dag: hij is waarlijk ver weg gedwaald.” (soerat an-Nisaa’: 136)
 
De woorden “Boodschapper” en “Profeet” zijn twee benamingen die slaan op een uitverkorene die door Allah naar Zijn dienaren is gestuurd om Zijn godsdienst te verkondigen en op te roepen tot het aanbidden van alleen Allah, de Verhevene. Allah zegt (interpretatie van de betekenis):

(Wij zonden) Boodschappers als brengers van verheugende tijdingen en als waarschuwers, opdat de mens geen excuus tegenover Allah zal hebben na de Boodschappers. En Allah is Almachtig, Alwijs.” (soerat an-Nisaa’: 165)

Er zijn vele profeten en boodschappers gezonden, waarvan Allah er vijfentwintig in de Koran bij naam heeft genoemd. Wij zijn verplicht om in hen allen te geloven. Hun namen zijn: Adam, Idries, Noeh, Hoed, Saalih, Ibrahiem, Loet, Ismaiel, Ishaak, Jacqoeb, Yoesoef, al-Yasaa, Shoeayb, Ayyoeb, Dhoelkifl, Moesa, Haaroen, Daawoed, Soelayman, Ilyaas, Yoenoes, Zakariyya, Yahya, Iesaa en Mohammed (vrede zij met hen allen).

De Edele Koran is de grootste en laatste der hemelse boeken. Het heerst over de voorafgaande boeken en heeft deze doen opheffen. Daarom dienen wij niet de voorgaande boeken te volgen, maar te handelen volgens het meest Edele en Verheven Boek, de Koran. Allah zegt (interpretatie van de betekenis):

“En wij hebben aan jou het Boek (de Koran) met de Waarheid neergezonden, ter bevestiging van de Schrift die eraan vooraf ging en ter bescherming. Oordeel dus onder hen met wat Allah neergezonden heeft.” (soerat al-Maa'idah: 48)

Allah heeft boodschappers en profeten uit de kinderen van Adam (vrede zij met hem) verkozen en hen naar de verschillende volkeren gezonden om uit te nodigen naar het aanbidden van Allah. Ook heeft Allah hen opgeroepen de Wetgeving die leidt naar gelukzaligheid in het wereldse en het Hiernamaals uit te leggen en een blijde tijding te geven aan de gelovigen en de ongelovigen te waarschuwen voor de Hel (interpretatie van de betekenis):

“En voorzeker, Wij hebben aan iedere gemeenschap een Boodschapper gezonden (die zei:) ,,Aanbidt Allah en houdt afstand van de Taaghoet.” En er zijn er onder hen die Allah leidde en er zijn er die Hij tot de dwaling veroordeelde.” (soerat an-Nahl: 36)

Allah de Verhevene heeft profeten en boodschappers verkozen boven andere profeten en boodschappers. De Oel ul-Azm (bezitters van standvastigheid) zijn de meest vooraanstaande onder hen : Noeh, Ibrahiem, Moesa, Iesaa en Mohammed (vrede zij met hen allen). Van alle vooraanstaande profeten is Mohammed (vrede zij met hem) de meest verheven onder hen. Alle profeten werden naar hun eigen volk gestuurd, totdat Mohammed (vrede zij met hem) door Allah naar de gehele mensheid werd gestuurd. Hij is de laatste en beste Profeet en Boodschapper, zoals Allah de Verhevene zegt (interpretatie van de betekenis):

“En Wij hebben jou niet anders gezonden dan aan de gehele mensheid en als een verkondiger van verheugende tijdingen en als een waarschuwer. Maar de meeste mensen weten het niet.” (soerat Saba’: 28) 

Allah heeft de profeten en boodschappers uitverkoren als voorbeeld voor hun volkeren. Allah onderwees, leidde en eerde hen met de Boodschap. Hij beschermde hen tegen het vervallen in zonden en steunde hen met wonderen. Zij zijn de beste der mensen. Dit geldt op fysiek gebied, maar ook op gebied van gedrag, kennis, spraak en voorbeeldige levenswijze. Allah de Almachtige zegt (interpretatie van de betekenis):

“En Wij maakten hen tot leiders, die leiding gaven volgens Ons Bevel. En Wij openbaarden aan hen goede daden te verrichten. En het gebed te onderhouden en de zakaat te geven. En zij waren aanbidders van Ons.” (soerat al-Anbiyaa': 73)

Doordat de boodschappers en profeten een verheven positie in gehoorzaamheid en karakter bereikten, heeft Allah ons bevolen hen te volgen. Hij zegt daarom (interpretatie van de betekenis):

“Zij zijn degenen die Allah Leiding gaf: volgt dus hun leiding.” (soerat al-Anaam: 90)

De eigenschappen van de boodschappers en profeten zijn verenigd in het karakter van onze Profeet Mohammed (vrede zij met hem). Allah heeft hem geëerd met een hoogstaand karakter en ons bevolen om zijn voorbeeld altijd te blijven volgen.

“Voorzeker, de Boodschapper van Allah is voor jullie een goed voorbeeld: voor wie op (de beloning van) Allah en de Laatste Dag hoopt, en voor wie Allah veelvuldig gedenkt.” (soerat al-Ahzaab: 21)

Het geloven in alle profeten en boodschappers behoort tot de pilaren van de islamitische geloofsovertuiging (Aqiedah). Zonder hierin te geloven, kan de godsdienst van een moslim niet compleet zijn. Dit omdat deze profeten één en dezelfde boodschap verkondigd hebben en dat is het geloven in Allah. Allah de Verhevene zegt (interpretatie van de betekenis):

“Zegt: Wij geloven in Allah en wat er aan ons is neergezonden en wat er is neergezonden aan Ibrahiem, Ishaak, Ismaiel en Jacqoeb en de kinderen van Jacqoeb en wat er is gegeven aan Moesa en Iesaa en wat er is gegeven van hun Heer aan de Profeten, Wij maken geen enkel onderscheid tussen hen en wij onderwerpen ons aan Hem.” (soerat al-Baqarah: 136)

Vrede en Zegeningen zij met de dienaar en Boodschapper van Allah.


Fragment genomen uit het boek ‘Oesoel ud-Dien il-Islaami’
Shaykh  Mohammed ibn Ibrahiem at-Toewadjri